Lichaamstaal lezen voor recruiters. Een blog van The Recruiters Academy.

Lichaamstaal – wat je kandidaat je zonder woorden vertelt

Non-verbale communicatie ontcijferen voor recruiters

De kracht van non-verbale communicatie wordt vaak overschat. De impact van wat een kandidaat je tijdens een sollicitatiegesprek vertelt zou voor 93% bepaald worden door zijn lichaamstaal en de intonatie die hij gebruikt. Maar dat percentage klopt niet. De invloed van non-verbale communicatie is groot – dat gaan we in dit artikel nog eens benadrukken – maar het heeft ‘maar’ voor zo’n derde impact. En dan is het niet alleen de lichaamstaal zelf die belangrijk én interessant is, maar vooral de overeenstemming tussen wat iemand zegt, en hoe-ie dat doet.

Consistente communicatie is key

Eigenlijk is het heel eenvoudig: je kan niet niet communiceren. Communicatie bestaat uit drie onderdelen: de woorden die je uitspreekt, de manier waarop je ze uitspreekt en je lichaamshouding. Dat betekent dus dat je, zelfs als je niks zegt, ook communiceert. Nochtans zijn we ons vaak alleen bewust van de woorden die we gebruiken. 

Zijn je woorden, intonatie en houding in overeenstemming? Dan kom je geloofwaardig over. Is er een incongruentie? Dan is dat maar vreemd voor je gesprekspartner. Zeg je bijvoorbeeld dat je blij bent om ergens te zijn, maar zit je er met een bedrukt gezicht en je armen en benen gekruist, dan klinkt dat niet geloofwaardig. Of kijk je de hele tijd op je smartphone terwijl je vertelt dat je een goede luisteraar bent? Tja, ook maar raar. In dit soort voorbeelden zal je gesprekspartner meer vertrouwen op je non-verbale communicatie, dan op de woorden die je uitspreekt. 

Oog voor de lichaamstaal van je kandidaat

Wat betekent dat nu voor jou, als recruiter? Door bewust te letten op de lichaamstaal van de kandidaat die voor je zit, krijg je meer informatie dan door alleen maar te luisteren naar wat hij of zij zegt. Non-verbale communicatie toont je vaak een eerste ongefilterde reactie

Maar…er zijn zo ongelooflijk veel non-verbale signalen dat je ze onmogelijk allemaal kan bestuderen. Denk aan oog-, hand- en voetbewegingen. Die kunnen nogal opvallend zijn. Wat veel slikken, knipperen, wegkijken, of een rare blik? Dat wordt al lastiger. Je zal je daarnaast natuurlijk ook op het gesprek zelf moeten concentreren. 

Kies daarom specifieke momenten uit om op de lichaamstaal van je kandidaat te letten. Voeren jullie het gesprek met meerdere mensen? Spreek dan op voorhand af wie op de non-verbale communicatie let en op welke momenten – bij welke onderwerpen of vragen – dat interessant kan zijn. 

Rapport maken voor betere communicatie

Als we een gesprek voeren met iemand waarmee we ons verbonden voelen, kopiëren we onbewust elkaars lichaamstaal. Speel je daarop in en neem je weloverwogen de lichaamstaal over van de persoon die tegenover je zit, dan is het makkelijker om die verbinding te maken. Deze actie heet “rapport” (“rappoor” uitgesproken). Rapport helpt om je gesprekspartner op z’n gemak te stellen en het gesprek vlotter te laten verlopen. De moeite dus om eens te bekijken wat rapport juist is en hoe je zo verschil maakt.

De meest eenvoudige manier om rapport te maken, is door de houding van je gesprekspartner te spiegelen. Zit op dezelfde manier, glimlach mee als de kandidaat glimlacht, maak dezelfde gebaren. Let op: dat moet natuurlijk niet op hetzelfde moment, maar kan ook minder opvallend als je het met vertraging doet. Ook in spreektempo, toonhoogte, intonatie of accent kan je rapport opbouwen. Zit er iemand tegenover je met een duidelijk Antwerps accent en kan jij dat ook, dan kan je ook overschakelen op heet AAN – het Algemeen Antwerps Nederlands. 

De kracht van non-verbale communicatie wordt vaak overschat.

En ten slotte: ook via emotie kan je rapport maken. Toon je empathie met je hele lichaam: lach mee, maar laat heel lichtjes je mondhoeken of schouders hangen als het gaat over een onderwerp waarmee de kandidaat het duidelijk moeilijk had…

Een heel arsenaal aan non-verbale communicatiemiddelen

Soms is de non-verbale communicatie heel duidelijk. Zo voelen we aan we dat wanneer iemand steeds maar op zijn horloge kijkt, snel weg wil. Rolt iemand met zijn ogen? Dan is hij het niet eens met wat je zegt. En gefriemel met handen, duidt vaak op zenuwachtigheid. 

En wat zeg je wanneer je je handen op je heupen zet? Waarschijnlijk wil je laten zien dat je zelfverzekerd bent, maar het kan bij de ander ook overkomen als dominant of zelfs agressief en intimiderend. Beter dus om je armen laag te houden, liefst met je handpalmen open. Daarmee toonden onze voorouders – in een ver, ver, ver verleden – dat ze ongewapend en met goede bedoelingen kwamen. 

Je hebt het vast al eens meegemaakt dat iemand een flauwe mop vertelde, of dat de anekdote die hij of zij schetst misschien wel in die situatie en op dat ene moment hilarisch was, maar nu niet meer. Meelachen omdat je denkt dat het zo hoort, is nooit een goed idee. Alleen een oprechte (glim)lach bereikt zijn doel: verbinding tot stand brengen. Over lachen gesproken: het gesprek starten met een glimlach, breekt het ijs.

En zo zijn er nog tientallen andere ‘regeltjes’. En toch: het allerbelangrijkste is je oprechte interesse in de ander. Authentiek, gemeend. Je lichaamstaal aanpassen omdat je denkt dat je zo beter overkomt, heeft daarom vaak een omgekeerd effect. Het past niet bij jou en je lijkt ongeloofwaardig.

Ga op zoek naar je intrinsieke motivatie, je goesting om iemand te leren kennen en je drive om voor die kandidaat de beste match te vinden. Heb je dit uitgeklaard? Dan kan je op zoek gaan naar de intrinsieke motivatie bij de kandidaat.

Benieuwd naar het belang van intrinsieke motivatie in selectiegesprekken?


Welke vragen zorgen ervoor dat je de kandidaat echt leert kennen en dat je de best mogelijke kandidaat selecteert? Hoe zorg je ervoor dat een selectiegesprek geen kruisverhoor is?

Vergelijkbare berichten